Showing posts with label betrouwbaarheid. Show all posts
Showing posts with label betrouwbaarheid. Show all posts

Friday, October 12, 2007

Over (on)betrouwbaarheid: waarschuwingssignalen voor desinformatie


Van de week gelezen: Unspun: Finding Facts in a world of disinformation. En bij deze een boekextract (geen abstract, maar een destillatie van wat ik interessant vind).


De voorbeelden in het boekje zijn erg Amerikaans. Maar de waarschuwingssignalen zijn universeel. En of het nou commerciële, politieke of ideologische misleiding is, ze volgen allemaal dezelfde patronen.

Hoe kun je ervoor zorgen dat je minder vaak misleid wordt?

Stap 1: Open je ogen voor het feit dat (zelf)misleiding alomaanwezig is

Stap 2: Ken de waarschuwingssignalen

Stap 3: Respecteer de feiten en ga op zoek naar betrouwbare bronnen

Eerst maar eens even de waarschuwingssignalen. Komen er een elftal:
  1. If it's scary, be wary

    Pas op voor de FUD-factor
    (Fear, Uncertainty & Doubt). "U wilt toch niet eindigen als ..." Een beroep op angst is een goede truc om de aandacht van de zwakte van het eigen bewijs af te halen. Hetzelfde gebeurt als er een zwart schaap wordt aangewezen. Maar waar rook is, is lang niet altijd vuur. Probeer dan ook je licht op de andere kanten van de zaak te laten schijnen en vraag: "Wat zou de verdediging hier over te zeggen hebben?"

  2. Te goed om waar te zijn

    Wees voorzichtig met claims die té dramatisch zijn. Zéker als je WILT dat ze waar zijn! Vraag jezelf af: "
    Geloof ik dit enkel en alleen omdat ik wíl dat het waar is? Wat is het bewijs?". Zeker als we* graag willen dat iets waar is, omarmen we informatie die onze overtuigingen bevestigt en wijzen we bewijs af dat ons wereldbeeld tegenspreekt. Sterker nog: we hebben niet alleen een ander houding tegenover zaken, maar we zíen ook daadwerkelijk andere dingen al naar gelang ons gezichtspunt.

    "When we feel most strongly that we are right,

    we may in fact be wrong"
    "

  3. Het bungelende vergelijk (ook wel: superlatieven zwendelarij)

    "Groter", "Beter", "Sneller", "Nu nóg lekkerder", "De grootste in de geschiedenis", "De kleinste ooit", "De slechtste politicus", "De zwaarste baan". Er wordt blijkbaar iets vergeleken met iets anders. Maar met wat dan? "Hoger", "Beter", "Meer" blijven bungelen zonder dat er wordt aangegeven waarmee het wordt vergeleken.

  4. Ontkrachtende woorden

    "
    Tot 50% korting". Het woordje Tot ontkracht de korting.
    "
    ROC (een cosmeticaproducent) belooft het u". Iets beloven, wil nog niet zeggen dat je je beloften nakomt.
    "
    De smaak van aardbeien", wil nog niet zeggen dat er aardbeien in zitten.
    "
    Waarschijnlijk de beste gelegenheid die u ooit zult krijgen". Waarschijnlijk?
    "
    Veel klanten vinden ... ". Veel? Hoeveel dan? Weet de schrijver de feiten ook niet?

  5. Glinsterende algemeenheden

    "Betaalbare huisvesting", "Belastingverlaging voor de middenklasse", "eer", "integriteit", "gerechtigheid", "vrijheid". Tja, wie wil dat niet? Het is dan ook altijd zinvol te vragen: "wat bedoel je daar precies mee?"

  6. Irrelevante (ook al zijn ze waar) argumenten

    "Nu: benzine zonder roetdeeltjes". Kan waar zijn, maar er hebben nog nooit roetdeeltjes in benzine gezeten. Die ontstaan na verbranding. Het is geen issue en ook nooit een issue geweest. Niet relevant dus!

  7. Frame it and Claim it

    Sommige woorden accepteren we of keuren we automatisch af. De taal neemt het denken voor ons over. Neem abortus. Ben je pro-choice óf pro-life? Noem je de ongeboren vrucht een foetus of een baby? We kunnen het maar moeilijk voorkomen dat taal (de manier waarop iets geformuleerd wordt) beïnvloed hoe we over iets denken. Vragen die je kunt stellen: "OK, dit is wat ze willen dat ik denk. Maar hoe zit het met de rest van het verhaal?"

    "Judging an issue or a product by its name or frame is as foolish as judging a book by its cover"

  8. Snoep voor de ogen

    Als woorden het éne zeggen en de beelden het andere, dan blijkt ons oordeel het meest beïnvloed te worden door de beelden.
    Een beeld zegt dus inderdaad meer dan 1000 woorden, maar dat maakt dat beeld niet persé waar. Als je beelden ziet die sterk op de emotie inspelen, vraag je dan af: "wat vertellen mijn oren me over deze beelden?".

  9. Onterecht beroep op externe autoriteit

    "Uit onderzoek blijkt ...". Kan zo zijn, maar het ene onderzoek is het andere niet.
    "Ook Madonna gebruikt dit maandverband!". Mooi als het haar bevalt, maar is Madonna een maandverbandexpert?
    "Het is bewezen in een klinische test met 21 vrouwen". Fijn, maar een dergelijk kleine populatie is statistisch gezien absoluut niet relevant.
    En als er cijfers worden gepresenteerd, vraag je dan af wát er geteld wordt. Want:
    "we want to quantify everything in sight, whether we can or not".

  10. Eén zwaluw maakt nog geen zomer

    Baseer je op echte data en niet op anecdotes. Eén of twee verhalen bewijzen helemaal niets. Ofwel: "
    the plural of anecdote is not data!".
    Als er één vliegtuig neerstort, zijn niet ineens alle vliegtuigen gevaarlijk. En ook onze persoonlijke ervaring bewijst helemaal niets.
    Onze persoonlijke ervaring is onze persoonlijke ervaring. Meer niet. Soms is dat wat je níet weet of niet verteld wordt belangrijker dan wat je met je eigen ogen hebt gezien. Ook aan het linken van twee zaken die niets meer elkaar te maken hebben, kleven de nodige gevaren. "Wie betekenis toekent aan toeval, kent zichzelf teveel betekenis toe".

  11. you (DON't) get what you pay for

    De kwaliteit van een product is lang niet altijd evenredig met de kostprijs. "The illusion of better taste is worth paying for", weten de marketingmensen. Maar weet jij het ook?

  12. Wat verder ter tafel komt

    Misschien ken jij nog andere waarschuwingssignalen?

Bij het maken van keuzes gaan we geregeld af op onbetrouwbare of incomplete informatie. En als wij onze keuze gemaakt hebben (ook al vonden we het nog zo moeilijk en ook al hebben we nog zo lang getwijfeld) dan lijkt het alternatief al slechter en slechter. En onze eigen keus al beter en beter. Nog een staaltje zelfmisleiding....


Bewijs vinden

De auteurs van het boekje doen een oproep om de feiten te respecteren. Maar hoe doe je dat als je niet weet wat de feiten zijn?
Wat je kúnt doen is openstaan voor de mogelijkheid dat je (zelf)misleid wordt. Daarnaast is het zinvol om je informatie zo dicht mogelijk bij de (betrouwbare) bron te zoeken.
  • Onderzoek de bron
    • Anonieme of niet na te trekken claims zijn onjuist tot het tegendeel bewezen wordt
    • Hoe gaat de bron om met fouten? Snel en open? Transparantie is een teken van betrouwbaarheid
    • Je kunt een bron meer vertrouwen als deze geen belang heeft bij het onderzochte (Vraag je af: "wie betaalt er voor dit onderzoek?")
Tot slot nog een wijze raad van de auteurs:

"Be skeptical, but not cynical.
The cynic refuses facts without evidence,
just as the naïve person
accepts facts without evidence
".

Daar wil ik me van harte bij aansluiten.

M.

* Disclaimer:
Voor de leesbaarheid van het artikel schrijf ik geregeld "We". Dat is natuurlijk een glinsterende algemeenheid :-)

Cartoons: via en uit het boek Unspun

Monday, September 24, 2007

FactCheckEd: scheid de feiten van de geiten


FactCheckEd leert studenten lesjes over misleiding in de media, op internet, in ons taalgebruik en geeft tips om teleurstellingen te voorkomen. De auteurs gooien ook een boek in de strijd.

"Our aim is to help students learn to be smart consumers of messages, to see through the deceptions that they encounter daily, to dig for facts using the Internet and other resources, and to set aside prejudice and weigh evidence logically"

Zo'n initiatief kan ik alleen maar toejuichen. (Mits studenten het eventueel oneens mogen zijn met het lesmateriaal natuurlijk :-))

Het lijkt mij trouwens wel leuk om het betrouwbaarheidsoffensief van Wikipedia eens met objectieve ogen te bestuderen ...

M.

Via Socialmedia
Cartoon (was ook leuk geweest bij mijn vorige post) via

Friday, August 31, 2007

WikiRage: wat is populair op Wikipedia?



Na Wikiscanner is er nu WikiRage, gemaakt door Craig Wood.

Met WikiRage kun je kijken wat er populair is op Wikipedia. Nou houd ik helemaal niet van dit soort lijstjes, maar als ik WikiRage koppel aan het onderzoek dat een relatie vond tussen de betrouwbaarheid van een artikel op Wikipedia met het aantal edits dat het krijgt, dan voorzie ik mogelijkheden ....

M.

Screenshot via

Thursday, June 28, 2007

Zeepbellen doorprikken


We schrijven 1997.

43 van de 50 ondervraagde mensen vindt dat er een verbod op water moet komen. Belachelijk, denk je nu. Maar vind je dat ook nog nadat je onderstaande tekst hebt doorgelezen?

"A student at Eagle Rock Junior High won the first prize at the Greater Idaho Falls Science Fair, April 26, 1997. He was attempting to show how conditioned we have become to alarmists practicing junk science and spreading fear of everything in our environment. In his project he urged people to sign a petition demanding strict control or total elimination of the chemical "dihydrogen monoxide."

And for plenty of good reasons, since:

- it can cause excessive sweating and vomiting
- it is a major component in acid rain
- it can cause severe burns in its gaseous state
- inhalation can kill you
- it contributes to erosion
- decreases effectiveness of automobile brakes
- it has been found in tumors of terminal cancer patients

He asked 50 people if they supported a ban of the chemical. Forty-three (43) said yes, six (6) were undecided, and only one (1) knew that the chemical was water.

The title of his prize winning project was, "How Gullible Are We?"

He feels the conclusion is obvious".

Mooi voorbeeld van framing.

Het leert mij dat je - om tot een weloverwogen oordeel te komen - naar meerdere kanten van een "probleem" moet (durven) kijken. Postief, negatief, in je voordeel, in je nadeel, enzovoort.

Wat te denken van:

Without H2O life is not possible

Lijkt me toch ook een relevante overweging :-)

In dit geval is er opzettelijk een negatief frame om water heen gezet om te kijken wat dat voor effect heeft op de oordeelsvorming bij mensen. Daarnaast heeft ieder van ons zijn eigen onbewuste frames. In Gym voor je geest (fijn boek!) noemt Edward de Bono dat onze 'logische zeepbel'.

Zullen we wat zeepbellen door gaan prikken? Jij de mijne, ik de jouwe? Plezier gegarandeerd!

M.

Zeepbel via

Monday, June 25, 2007

Online sales & Veelkeuzeritis

De online verkoop in de VS stijgt niet meer zo snel als eerst. Steeg ze in 2004 nog 25%, naar verwachting is dat in 2010 nog "maar" 9%.

Het is verleidelijk om aan deze cijfers conclusies te verbinden zoals "internet moeheid" en "te veel keuze verlamt". Maar de cijfers spreken over een afname van de groei, niet over een afname van de verkoop. De verkoop stijgt dus nog steeds! Er is een accountant voor nodig om deze cijfers weer in perspectief te plaatsen.

Neemt niet weg dat het daarnáást zo kan zijn dat een te veel aan keuzes verlamt (maar dat is net zozeer zo in first life als in je virtuele leven) . Creating Passionate Users maakte dat zo mooi visueel met de zeer herkenbare "Featuritis Curve". (Vervang 'Features' door keuzes en je kunt je voorstellen dat de grafiek ongeveer hetzelfde verloopt)


Via Adfoblog zag ik een geweldige parodie op de vele features van de iPhone.



Maar mijn opkomende gevoel van featuritis neemt niet weg dat ik er maar al te graag (al dan niet online) ééntje zou kopen!

Vraagje over 'the paradox of choice': Als je de features die je wel en niet op je iPhone zou willen hebben zelf zou mogen kiezen, zou het dan makkelijker worden of moeilijker?

M.

Tuesday, June 12, 2007

Informatievaardigheden? Nee. Luisteren naar kinderen? Ja.


Margreet blogde er al over: Het proefschrift van Els Kuiper met de titel "Teaching Web Literacy in Primary Education" (bovenbouw basisonderwijs). Sinds vorige week vrijdag ben ik de trotse bezitter van een gedrukt exemplaar dat mij is toegestuurd door de vriendelijke voorlichters van de VU. De samenvatting staat inmiddels op internet.

En ik kan je vertellen: het proefschrift leest als een spannend boek! Wat een cadeautje om al het (literatuur)onderzoek dat Kuiper deed zo op een presenteerblaadje aangereikt te krijgen.

Het wordt me al snel duidelijk dat het best logisch is dat kinderen zich niet bekommeren om de betrouwbaarheid van sites die ze op internet vinden. Ik noem drie redenen:

  1. Kuiper heeft het over de beschikbaarheidsparadox van het internet. De omvang en actualiteit nodigt leerlingen uit te denken dat elk antwoord met weinig moeite kant-en-klaar te vinden is. "The hypertext structure gives users the impression that they can do anything", schrijft Kuiper

  2. Maar het is niet alleen de continue beschikbaarheid en schijnbare oneindigheid van internet die maakt dat kinderen denken dat ze het antwoord wel zullen vinden. In het onderwijs krijgen ze met de paplepel ingegoten dat er (vaak) maar één goed antwoord is. En géén antwoord bestaat niet. Laat dit nou juist een belemmering zijn voor een kritisch gebruik van internet.
    (Nadenkertje: Leerlingen die via internet géén antwoord op de vraag vinden, blijken gewoon de vraag aan te passen ...... )

  3. En dan is er nog de kloof tussen school en thuis. Kinderen uit groep 7 beschouwen zichzelf als ervaren internetgebruikers. Maar als ze dan op school in aanraking komen met internet moeten ze ineens eerst nadenken over wat ze willen weten en tijdens het zoeken voortdurend reflecteren op het eigen zoekproces. Dat maakt het een stuk minder aantrekkelijk. Leerkrachten hebben vervolgens moeite met de oppervlakkige, passieve en gemakzuchtige houding van leerlingen
Hoe kun je deze cirkel doorbreken?

Volgens Kuiper doen docenten er beter aan om de vaardigheden van leerlingen serieus te nemen en aan te sluiten bij hoe zij met internet omgaan. Dat vraagt natuurlijk wel wat van die docenten.

Al lezende krijg ik een toekomstvisioen. Het is 2020.

Het vak 'informatievaardigheden' is overbodig geworden. Leren omgaan met internet is in alle vakken op (de lagere) school geïntegreerd. Dat gaat eigenlijk vanzelf, want kinderen hebben geleerd kritisch na te denken. Of beter gezegd: het is kinderen niet afgeleerd om voor zichzelf te denken door ouders en leerkrachten die verkondigen dat er maar één waarheid bestaat. We leren luisteren naar kinderen, filosoferen met hen, zien hen als gesprekspartner en zij zien ons als gesprekspartner. En zo zorgen wij voor een stevige basis voor hun reflectieve vaardigheden.

Als persoonlijke noot kan ik je vertellen dat ik enorm veel leer van het luisteren naar mijn kinderen.

Ik heb een setje filosofische kaarten - billetjes bloot spel - gekocht en mijn zoons vreten ze op. Op elk kaartje staat een tekst en daar gaan we dan met elkaar over praten. Mijn zoon Pim trok laatst het kaartje met de tekst:

"een zwart jongetje wordt geplaagd door een wit jongetje enkel en alleen omdat hij zwart is. Wat doe je?"

Pim antwoordt: "Ik zou naar het zwarte jongetje toegaan en tegen hem zeggen dat hij: "Hou op, Stop" moet zeggen tegen het witte jongetje". Waar ik geneigd zou zijn op het witte jongetje af te stappen, wil mijn zoon dáár ingrijpen waar het effect heeft. Niet door het witte jongetje te straffen, maar door het zwarte jongetje kracht te geven.

Het is niet de eerste eye-opener die mijn zoons me geven ..


Volwassenen neigen ernaar de wereld (en ook internet) te filteren voor hun kroost. Maar bescherming kent zijn keerzijden:

"How can students learn to make good choices, social and intellectual, if choices are made for them by filtering out things they can and cannot see?"

Don't fence me in!

M.

Illustratie via

Thursday, April 19, 2007

Informatievaardige sluipwespen


Wageningse onderzoekers vergeleken de leerprestaties van snel lerende sluipwespen met die van een langzaam lerende soort.

"Bij zowel mens als dier is het nodig om iets een aantal keren te leren voordat het in het langetermijngeheugen opgeslagen wordt. In onze maatschappij wordt het als ’slim’ aangemerkt als iemand snel leert, maar geldt dat ook voor dieren?"

Sluipwesp Cotesia glomerata legt haar eitjes in de rupsen van het Groot Koolwitje. Deze vlinder legt veel eieren bij elkaar op groepen planten van dezelfde soort. De sluipwesp heeft de geur van de plant al binnen vier uur in haar lange-termijn geheugen opgeslagen. Opdat ze de plant een volgende keer meteen kan vinden (één bron is wel een bron ...)

Sluipwesp Cotesiao rubecula legt haar eitjes in de rupsen van he Klein Koolwitje. Deze vlinder legt maar één eitje per plant en verdeelt haar eitjes over een groot gebied. Voor de sluipwesp geeft het vinden van een rups van het Klein Koolwitje dan ook veel minder betrouwbare informatie. En ze leert de plantengeur pas onthouden als ze een paar keer een rups op dezelfde plantensoort vindt (één bron is geen bron ...)

Snel leren is dus alleen slim als de informatie heel betrouwbaar is, zeggen de auteurs in hun artikel.

We hebben nog wat te leren van die informatievaardige wespen ...

M.

Plaatje
via

Wednesday, April 18, 2007

Eén bron is geen bron?


Een docent Duits is teleurgesteld over Al@din.

Als antwoord op de vraag: "Wie was de eerste burger van de ddr die werd doodgeschoten?" komt Al@din met een profielwerkstuk als enige bron. De docent vindt dat niet kunnen en schrijft: "geen verwijzing naar Wikipedia (al kun je over de kwaliteit daarvan discussiëren), geen verwijzing naar chronik-der-mauer.de"

Is de teleurstelling terecht of niet, vraag ik mijn cursisten digitaal inlichtingenwerk. En zo ja, wat had er dan moeten gebeuren om dit te voorkomen?

"Bij Al@din moet je toch volgens het procotol minimaal twee bronnen geven?", luidt de mogelijke oplossing van het probleem. Maar had het dan geholpen als Al@din twee profielwerkstukken had doorgegeven, speel ik de advocaat van de duivel. Is het dan altijd nodig om twee bronnen te geven? Nee.

Een paar voorbeeldjes waar één bron volstaat:

  • .. als de klant vraagt naar het aantal sterfgevallen in 2006 en je hebt daar een mooie tabel over gevonden bij een betrouwbare organisatie zoals het CBS
  • als de klant de volledige tekst van de Kinderbijslagwet wil inzien (d'r is er echt maar één van)
  • als de klant vraagt naar het boek "knielen op een bed violen" ..

Protocollen lijken soms de functie te hebben om mensen het "zelf denken" te ontnemen. Maar protocollen horen de mens te dienen en als dat niet (meer) zo is, dan passen we het protocol aan (of we schaffen het zelfs af!). Don't think for me, I can think for myself.

(Ondertiteling: Instemmend geknik van de cursisten)

Dus nee, met het protocol alleen zijn we er nog niet. Er is iets anders aan de hand. En dat zit hem juist in het zelf - en kritisch - blijven nadenken.

Wat mij opvalt in de reactie van de docent, is het feit dat een profielwerkstuk van mindere kwaliteit wordt geacht dan een artikel in Wikipedia. Terwijl de student (delen van) zijn profielwerkstuk gewoon op Wikipedia had kunnen zetten. Een profielwerkstuk - met goede bronvermeldingen - is dus niet persé minder en óók niet meer waard dan een gelijksoortig artikel op Wikipedia (ligt aan het aantal edits).

En in die bronvermeldingen zit volgens mij de clou.

Als je je antwoord altijd zo dicht mogelijk bij de bron(vermelding) zoekt, dan loop je de minste kans op een misser. Als je dit besef bij kunt brengen aan studenten én docenten dan is er een wereld aan kwaliteitsantwoorden te winnen.

Wil ik afsluiten met een stelling afkomstig van één van de cursisten:

"Docenten mogen niet zeuren over leerlingen die hun bronnen scouten via Google (of Al@din?) als ze aan hun kant verzuimen om informatievaardigheden (o.a. het bevorderen van kritisch nadenken) in het curriculum te verweven".

Wat vind jij?

M.

Cartoon via

Friday, April 13, 2007

Dé Wikipedia bestaat niet


Wikipedia weet de tongen altijd meer dan los te krijgen. Zo verbieden steeds meer universiteiten het citeren uit deze "online collaborative" encyclopedie. Dat ik meer geloof in het aanwakkeren van het zelfdenkend vermogen van studenten, is geen geheim.

Ik vind het dan ook prachtig als er iemand wetenschappelijk onderzoek doet naar Wikipedia. Want daar kunnen universiteiten niet omheen, toch? Welnu: In een artikel in Firstmonday valt te lezen dat:

  1. een klein aantal artikelen - diegene die belangrijk worden gevonden of op dit moment in de belangstelling staan - een verhoudingsgewijs groot aantal edits krijgt.
  2. dat de kwaliteit van een artikel in Wikipedia groter wordt, naarmate er meer edits gedaan zijn.
De onderzoekers concluderen:

"Wikipedia article quality continues to increase, on average, as the number of collaborators and the number of edits increases. Thus, topics of high interest or relevance are naturally brought to the forefront of visibility and quality".

Wat dit betekent?

Dat er niet zoiets bestaat als Dé Wikipedia. En dat je dus ook niet over Dé Betrouwbaarheid van Wikipedia kunt praten. De kwaliteit verschilt per artikel.

Dat universiteiten die verbieden uit Wikipedia te citeren een heel slecht voorbeeld geven bij het opvoeden van studenten tot kritische - informatievaardige - informatieconsumenten die zelf kunnen beslissen wanneer ze wél en wanneer ze geen gebruik maken van een informatiebron.

Frank Boeien verwoordt mijn "punt" misschien nog wel het beste:

Denk niet wit
Denk niet zwart
Denk niet zwart-wit
Maar in de kleur van je hart

M.

Plaatje via

Tuesday, March 13, 2007

Framing: het is maar hoe je het bekijkt


Ik ben heel blij met het boek "de (on)betrouwbaarheid van informatie" van Jan G.M. Bakker (getipt door Edwin).

Het boek heeft me duidelijk gemaakt dat "feiten" geen bestaansrecht hebben zonder context. Toch wordt die context vaak verhuld, verbloemd, verdraaid of verfraaid.

De manier waarop feiten omlijst worden, bepaalt hoe we tegen dit "feit" aankijken. Veranderen we de context, dan heeft dat invloed op ons oordeel. In de VS hebben ze hier een mooi woord voor: framing (een woord dat is bedacht door Tversky & Kahnemann).

Kijk en oordeel:

  1. 30% van de cursisten gaf aan dat ze ná afloop nog steeds niet wisten hoe ze de betrouwbaarheid van informatie in konden schatten
  2. 70% van de cursisten gaf aan dat ze ná afloop de betrouwbaarheid van informatie veel beter in konden schatten
Zou je je inschrijven voor cursus 1? En voor cursus 2?

De mens blijkt risicomijdend als het gaat om mogelijk verlies en risicozoekend als het gaat om mogelijke winst. Ging dat ook voor jou op?

Met framing belichten we de werkelijkheid van één kant: de kant die boodschapper óf ontvanger - al dan niet bewust - het beste uit komt. Foto's zijn bij uitstek geschikt voor dit soort manipulatie. Op de originele foto-, ansicht- en posterblog van Lidia staat een mooi - onschuldig - voorbeeld. En zeg nou zelf, we hebben geen van allen graag een ingelijst huilend kind of nors kijkende geliefde op de schoorsteenmantel staan. Want wat zegt dat dan over ons?

Vangen in cijfers wat niet te vangen valt is nog een voorbeeld van framing. En de blogposts in de categorie cijfers/statistieken zijn me daar populair! Waarom willen we onze wereld zo graag ordenen in top-50 lijstjes die altijd te kort doen aan de werkelijkheid? Waar komt onze voorliefde voor cijfertjes toch vandaan? We hebben er blijkbaar belang bij, maar waarom?

Kies een frame naar keuze (of maak er zelf één bij):
  • Het is een hulpmiddel voor efficiënte informatieverwerking
    • Faced with an extraordinary amount of issues to track on a daily basis, it is actually quite reasonable for citizens to rely heavily on short cuts such as values and media frames to reach a decision", schrijft Matthew Nisbet - auteur van de weblog Framing Science - in zijn post van 10 maart.
  • Iets specifieker: Het is een hulpmiddel om keuzes te maken
    • Als Mr. X - waar ik tegen op kijk - boek Y in zijn boeken top 10 heeft staan, dan wil ik dat boek ook wel lezen.
  • Het is een hulpmiddel om onze positie te bepalen
    • "Wat we lezen en geloven, zegt in de eerste plaats iets over ons zelf".
      • Vind je het belangrijk om te zien wie er veel invloed heeft? Wil je dan soms zelf invloed hebben?
      • 70% van de mensen weet niet wat RSS is. Ik wel. Dan doe ik het best goed.
      • Als ik weet welke trefwoorden het meest worden ingevoerd in Google dan kan ik mijn zoekgedrag afzetten tegen dat van "de gemiddelde gebruiker"
    • "De doorsnee mens begint iets te geloven, en zoekt dan naar bewijzen om zijn mening te ondersteunen", valt te lezen in het boek van Bakker. Het kost namelijk tamelijk veel energie als je je wereldbeeld steeds maar weer moet heroverwegen. Lijstjes ontslaan ons van onze verantwoordelijkheid zelf kritisch na te denken
  • Het is een hulpmiddel om (onszelf, een dienst of een product) te verkopen
    • Lijstjes laten zien waar onze potentiële afzetmarkt te verwachten valt
    • Je maakt gebruik van de populariteit van lijstjes, reproduceert ze en vangt zelf een deel van de fame! (Lees de discussie: zijn bloggers parasieten of niet?)
Welke frame je ook kiest ze hebben allemaal één ding gemeen. Lijstjes helpen ons een beeld te kneden van de complexe werkelijkheid.

Het is trouwens niet alleen de zender die inlijst, ook de ontvanger is niet vrij van frames (vooroordelen, stereotypen)

Kijk maar eens naar de volgende omschrijving:
  • Suzanne is 35 jaar, alternatief gekleed en ze heeft een bril
  • Suzanne is 35 jaar, heeft lange donkere haren en een slank postuur
Welke van de twee Suzannes is knapper? (Eerlijk zeggen)

Niets menselijks is ons vreemd. Juist daarom vind ik het zo leuk als d'r af en toe eens iemand opstaat die om zijn of haar frame heenkijkt en de cijfertjes niet zomaar klakkeloos overneemt. Zo pakte Marco Derksen het bericht "70% van de Nederlanders weet niet wat RSS is" geweldig op. 30% weet het dus wel. Maar dát is goed nieuws! Het is maar waar je vandaan komt. Informatie = feiten in context.

"If fifty million people say a foolish thing, it is still a foolish thing".

M.

Plaatje via

Sunday, March 11, 2007

De vruchten plukken van Wikipedia


Nicola - vrouw naar mijn hart - Pratt vindt dat Wikipedia gewoon gebruikt moeten kunnen worden bij universitair onderzoek.

Some students cite it in their bibliographies at the end of their essays, some of them don’t, but that doesn’t mean they haven’t used it", aldus de realistische docente "Issues in the Contemporary Politics of the Middle East" aan de University of East Anglia te Engeland.

Pratt denkt dat Wikipedia juist een effectief leermiddel is om studenten aan te moedigen kritisch te denken, goed te leren schrijven en - last but not least - samen te werken. Daarnaast denkt ze dat het motiverend is voor cursisten om iets te schrijven waarvan ze weten dat het niet alleen door je docent gelezen zal worden.

Om haar hypothese te testen moeten Pratt's studenten elke week een wijziging doorvoeren in een relevant Wikipedia artikel en aan het einde van de zes maanden die haar experiment duurt, moeten ze zelf een artikel schrijven en plaatsen in Wikipedia. In juni van dit jaar zal Pratt het project evalueren.

Haar cursisten zijn nu al enthousiast: "You can follow the progress of your input as changes and additions are often subject to critical review by other ´Wikipedians´"

De negatieve reacties van andere docenten blijven niet uit.
Ik snap daar helemaal niks van. Sorry jongens, maar verboden vruchten werken niet. Je kunt studenten beter zélf leren denken opdat ze weten wanneer de vruchten rijp zijn en wanneer rot.

"I think Wikipedia itself is a good reference point for further research. I don't believe I would cite it in my work but would rather use it to access the original source", aldus één van Pratt´s pupillen.

Pratt bereikt nu al wat docenten die Wikipedia in de ban doen nooit zullen bereiken.

M.

Via de inspirerende post van Wiki evangelist Stewart Mader

Plaatje
via

www.flickr.com