Showing posts with label informatievaardigheden. Show all posts
Showing posts with label informatievaardigheden. Show all posts

Friday, January 11, 2008

Selectie van zoekresultaten: Ik concludeer wat jij niet concludeert?

.
Ook al vinden zoeksystemen de “goede“ informatie voor ons, dan kunnen we op basis van die informatie nog steeds de verkeerde conclusies trekken. Dat is het aansprekende uitgangspunt van het wetenschappelijke artikel van Professor Enrico Coiera en Dr. Annie Lau* waar ik over beloofde te bloggen.

Zoeksystemen ontlenen hun bestaansrecht aan het opduikelen van relevante en betrouwbare informatie. Maar wat gebruikers vervolgens met die informatie doen, blijft grotendeels onzichtbaar. Op welke criteria stoelt de vinder zijn of haar vervolgacties- en beslissingen?

Coeira en Lau deden onderzoek naar vier soorten cognitive bias die de manier waarop gezondheidsprofessionals informatie beoordelen, zouden kunnen beïnvloeden:

  1. anchoring effect
    hetgeen je gelooft (je anker) heeft invloed op de manier waarop je nieuwe informatie selecteert en de manier waarop je nieuwe overtuigingen vormt
  2. order effect
    de volgorde waarin informatie gepresenteerd wordt, heeft invloed op het uiteindelijke besluit
  3. exposure effect
    de mate waarin je aan bepaalde informatie wordt blootgestgeld (tijdsduur), heeft invloed op besluitvorming
  4. reinforcement effect
    herhaalde blootstelling aan informatie kan de manier waarop je tegen informatie aankijkt beïnvloeden
De onderzoekers vonden alleen aanwijzingen dat het anchoring effect de gezondheidsprofessionals parten speelt in hun oordeelsvorming. Dit betekent dat het presearch answer invloed heeft op het postsearch answer. Voor de andere typen bias vonden Lau en Coiera in dit onderzoek geen hard bewijs. Verder onderzoek is nodig.

Ik had het best aannemelijk en leuk gevonden als alle vier de soorten cognitive bias een rol zouden spelen. Maar ja, soms moet je over je eigen bias heenkijken. Zelfs als je daardoor een minder leuke en sterke blogpost kan schrijven :-)

M.

* Do people experience cognitive biases while searching for information, Journal of the American Medical Informatics Association, Volume 14, number 5, september 2007. Lau heeft al een heel proefschrift aan het onderwerp gewijd.

* Foto

Thursday, January 10, 2008

Zoekwegen visualiseren, opslaan en delen met Daftdoggy


Via Researchbuzz kwam ik terecht op een artikel met de pakkende kop "Why the web tells us what we already know".

Daar het artikel zonder bronvermelding bleef, ging ik zoek naar het oorspronkelijke artikel. Dat leek me een uitgelezen kans om Daftdoggy eens uit te proberen. Met deze GekkeHond kun je je zoektochten op het internet wel heel gemakkelijk vastleggen, visualiseren en vervolgens delen door enkel een URL door te sturen.

Bij deze dan de visualisatie van mijn zoektocht naar het full-text artikel. Wil je 'm ook echt volgen, klik dan rechtsboven in het venster steeds op Next en bekijk de comments middenonderin de opeenvolgende vensters. (Je kunt bij Daftdoggy ook audio gebruiken, maar dat heb ik nu niet gedaan).

Toegegeven: het is niet de mooiste en meeste intuïtieve interface om te volgen, maar iedere Gek(kehond) kan er in een handomdraai één maken. Met andere open source screencasting programma's als Wink, Camstudio en (de mooiste, vind ik) Jing kun je je zoekwegen veel mooier tonen, maar daar moet je dan wel wat meer voor doen. Om te beginnen het programma downloaden. Het is steeds weer even afwegen welk middel je doelen heiligt :-)

Je zou Daftdoggy in kunnen zetten voor bewustwordingsoefeningen bij het zoeken op het internet. Elke link die je aanklikt, is in feite een decision point en die worden op deze manier ineens heel zichtbaar. Een andere toepassing is het opzetten van een webquest.

In een andere post kom ik terug op de inhoud van het artikel ...

One topic at a time ..

M.

Foto

Monday, October 15, 2007

Een jaar na de cursus: "wie is de baas over jouw informatiezoekproces?"


"Stel: je komt je collega over een jaar tegen op het treinstation. Je vertelt hem of haar hoe je in de praktijk met deze cursus aan de slag bent gegaan".

Zo luidde zojuist de laatste opdracht van een tweedaagse cursus "digitaal inlichtingenwerk".

Het resultaat zie je in de TagCrowd helemaal beneden.

We hielden de leerdoelen er nog even naast en het viel vooral op dat SNEL op internet willen leren zoeken weg was gevallen :-)

De behoefte om snel te willen leren zoeken bleek symptoombestrijding te zijn.
Hoezo?

Als je je laat verrassen door wat (Google voor) je vindt, moet je je soms door een hoop informatiebrij heen worstelen voor je de spreekwoordelijke naald in de hooiberg vindt. En dat kost je niet alleen een hoop tijd, maar kan je ook een gevoel geven van "trial-and-error" of "God zegene de greep". En over het algemeen willen we liever in control zijn en niet overgeleverd aan het lot. Dús: kan het een beetje sneller a.u.b? (lees: dan voel ik me niet zo overgeleverd aan mijn zoekproces)
Maar lukt het je om éérst een passende bron en zoekinstrument bij de vraag te bedenken (soms moet je daarvoor eerst je zoekrepertoire uitbreiden) dan heb je je zoekproces meer in de hand. En met het heft in eigen handen verdwijnt de behoefte om SNEL te willen leren zoeken als sneeuw voor de zon.
I am in control!

Als dit soort inzichten echt doordringen tot mijn cursisten, dan word ik daar zo blij van.
Dus even die roze bril op:
Mooi he, alles ... !!
M.


Friday, October 12, 2007

Over (on)betrouwbaarheid: waarschuwingssignalen voor desinformatie


Van de week gelezen: Unspun: Finding Facts in a world of disinformation. En bij deze een boekextract (geen abstract, maar een destillatie van wat ik interessant vind).


De voorbeelden in het boekje zijn erg Amerikaans. Maar de waarschuwingssignalen zijn universeel. En of het nou commerciële, politieke of ideologische misleiding is, ze volgen allemaal dezelfde patronen.

Hoe kun je ervoor zorgen dat je minder vaak misleid wordt?

Stap 1: Open je ogen voor het feit dat (zelf)misleiding alomaanwezig is

Stap 2: Ken de waarschuwingssignalen

Stap 3: Respecteer de feiten en ga op zoek naar betrouwbare bronnen

Eerst maar eens even de waarschuwingssignalen. Komen er een elftal:
  1. If it's scary, be wary

    Pas op voor de FUD-factor
    (Fear, Uncertainty & Doubt). "U wilt toch niet eindigen als ..." Een beroep op angst is een goede truc om de aandacht van de zwakte van het eigen bewijs af te halen. Hetzelfde gebeurt als er een zwart schaap wordt aangewezen. Maar waar rook is, is lang niet altijd vuur. Probeer dan ook je licht op de andere kanten van de zaak te laten schijnen en vraag: "Wat zou de verdediging hier over te zeggen hebben?"

  2. Te goed om waar te zijn

    Wees voorzichtig met claims die té dramatisch zijn. Zéker als je WILT dat ze waar zijn! Vraag jezelf af: "
    Geloof ik dit enkel en alleen omdat ik wíl dat het waar is? Wat is het bewijs?". Zeker als we* graag willen dat iets waar is, omarmen we informatie die onze overtuigingen bevestigt en wijzen we bewijs af dat ons wereldbeeld tegenspreekt. Sterker nog: we hebben niet alleen een ander houding tegenover zaken, maar we zíen ook daadwerkelijk andere dingen al naar gelang ons gezichtspunt.

    "When we feel most strongly that we are right,

    we may in fact be wrong"
    "

  3. Het bungelende vergelijk (ook wel: superlatieven zwendelarij)

    "Groter", "Beter", "Sneller", "Nu nóg lekkerder", "De grootste in de geschiedenis", "De kleinste ooit", "De slechtste politicus", "De zwaarste baan". Er wordt blijkbaar iets vergeleken met iets anders. Maar met wat dan? "Hoger", "Beter", "Meer" blijven bungelen zonder dat er wordt aangegeven waarmee het wordt vergeleken.

  4. Ontkrachtende woorden

    "
    Tot 50% korting". Het woordje Tot ontkracht de korting.
    "
    ROC (een cosmeticaproducent) belooft het u". Iets beloven, wil nog niet zeggen dat je je beloften nakomt.
    "
    De smaak van aardbeien", wil nog niet zeggen dat er aardbeien in zitten.
    "
    Waarschijnlijk de beste gelegenheid die u ooit zult krijgen". Waarschijnlijk?
    "
    Veel klanten vinden ... ". Veel? Hoeveel dan? Weet de schrijver de feiten ook niet?

  5. Glinsterende algemeenheden

    "Betaalbare huisvesting", "Belastingverlaging voor de middenklasse", "eer", "integriteit", "gerechtigheid", "vrijheid". Tja, wie wil dat niet? Het is dan ook altijd zinvol te vragen: "wat bedoel je daar precies mee?"

  6. Irrelevante (ook al zijn ze waar) argumenten

    "Nu: benzine zonder roetdeeltjes". Kan waar zijn, maar er hebben nog nooit roetdeeltjes in benzine gezeten. Die ontstaan na verbranding. Het is geen issue en ook nooit een issue geweest. Niet relevant dus!

  7. Frame it and Claim it

    Sommige woorden accepteren we of keuren we automatisch af. De taal neemt het denken voor ons over. Neem abortus. Ben je pro-choice óf pro-life? Noem je de ongeboren vrucht een foetus of een baby? We kunnen het maar moeilijk voorkomen dat taal (de manier waarop iets geformuleerd wordt) beïnvloed hoe we over iets denken. Vragen die je kunt stellen: "OK, dit is wat ze willen dat ik denk. Maar hoe zit het met de rest van het verhaal?"

    "Judging an issue or a product by its name or frame is as foolish as judging a book by its cover"

  8. Snoep voor de ogen

    Als woorden het éne zeggen en de beelden het andere, dan blijkt ons oordeel het meest beïnvloed te worden door de beelden.
    Een beeld zegt dus inderdaad meer dan 1000 woorden, maar dat maakt dat beeld niet persé waar. Als je beelden ziet die sterk op de emotie inspelen, vraag je dan af: "wat vertellen mijn oren me over deze beelden?".

  9. Onterecht beroep op externe autoriteit

    "Uit onderzoek blijkt ...". Kan zo zijn, maar het ene onderzoek is het andere niet.
    "Ook Madonna gebruikt dit maandverband!". Mooi als het haar bevalt, maar is Madonna een maandverbandexpert?
    "Het is bewezen in een klinische test met 21 vrouwen". Fijn, maar een dergelijk kleine populatie is statistisch gezien absoluut niet relevant.
    En als er cijfers worden gepresenteerd, vraag je dan af wát er geteld wordt. Want:
    "we want to quantify everything in sight, whether we can or not".

  10. Eén zwaluw maakt nog geen zomer

    Baseer je op echte data en niet op anecdotes. Eén of twee verhalen bewijzen helemaal niets. Ofwel: "
    the plural of anecdote is not data!".
    Als er één vliegtuig neerstort, zijn niet ineens alle vliegtuigen gevaarlijk. En ook onze persoonlijke ervaring bewijst helemaal niets.
    Onze persoonlijke ervaring is onze persoonlijke ervaring. Meer niet. Soms is dat wat je níet weet of niet verteld wordt belangrijker dan wat je met je eigen ogen hebt gezien. Ook aan het linken van twee zaken die niets meer elkaar te maken hebben, kleven de nodige gevaren. "Wie betekenis toekent aan toeval, kent zichzelf teveel betekenis toe".

  11. you (DON't) get what you pay for

    De kwaliteit van een product is lang niet altijd evenredig met de kostprijs. "The illusion of better taste is worth paying for", weten de marketingmensen. Maar weet jij het ook?

  12. Wat verder ter tafel komt

    Misschien ken jij nog andere waarschuwingssignalen?

Bij het maken van keuzes gaan we geregeld af op onbetrouwbare of incomplete informatie. En als wij onze keuze gemaakt hebben (ook al vonden we het nog zo moeilijk en ook al hebben we nog zo lang getwijfeld) dan lijkt het alternatief al slechter en slechter. En onze eigen keus al beter en beter. Nog een staaltje zelfmisleiding....


Bewijs vinden

De auteurs van het boekje doen een oproep om de feiten te respecteren. Maar hoe doe je dat als je niet weet wat de feiten zijn?
Wat je kúnt doen is openstaan voor de mogelijkheid dat je (zelf)misleid wordt. Daarnaast is het zinvol om je informatie zo dicht mogelijk bij de (betrouwbare) bron te zoeken.
  • Onderzoek de bron
    • Anonieme of niet na te trekken claims zijn onjuist tot het tegendeel bewezen wordt
    • Hoe gaat de bron om met fouten? Snel en open? Transparantie is een teken van betrouwbaarheid
    • Je kunt een bron meer vertrouwen als deze geen belang heeft bij het onderzochte (Vraag je af: "wie betaalt er voor dit onderzoek?")
Tot slot nog een wijze raad van de auteurs:

"Be skeptical, but not cynical.
The cynic refuses facts without evidence,
just as the naïve person
accepts facts without evidence
".

Daar wil ik me van harte bij aansluiten.

M.

* Disclaimer:
Voor de leesbaarheid van het artikel schrijf ik geregeld "We". Dat is natuurlijk een glinsterende algemeenheid :-)

Cartoons: via en uit het boek Unspun

Monday, September 24, 2007

FactCheckEd: scheid de feiten van de geiten


FactCheckEd leert studenten lesjes over misleiding in de media, op internet, in ons taalgebruik en geeft tips om teleurstellingen te voorkomen. De auteurs gooien ook een boek in de strijd.

"Our aim is to help students learn to be smart consumers of messages, to see through the deceptions that they encounter daily, to dig for facts using the Internet and other resources, and to set aside prejudice and weigh evidence logically"

Zo'n initiatief kan ik alleen maar toejuichen. (Mits studenten het eventueel oneens mogen zijn met het lesmateriaal natuurlijk :-))

Het lijkt mij trouwens wel leuk om het betrouwbaarheidsoffensief van Wikipedia eens met objectieve ogen te bestuderen ...

M.

Via Socialmedia
Cartoon (was ook leuk geweest bij mijn vorige post) via

Friday, August 31, 2007

WikiRage: wat is populair op Wikipedia?



Na Wikiscanner is er nu WikiRage, gemaakt door Craig Wood.

Met WikiRage kun je kijken wat er populair is op Wikipedia. Nou houd ik helemaal niet van dit soort lijstjes, maar als ik WikiRage koppel aan het onderzoek dat een relatie vond tussen de betrouwbaarheid van een artikel op Wikipedia met het aantal edits dat het krijgt, dan voorzie ik mogelijkheden ....

M.

Screenshot via

Thursday, June 28, 2007

Zeepbellen doorprikken


We schrijven 1997.

43 van de 50 ondervraagde mensen vindt dat er een verbod op water moet komen. Belachelijk, denk je nu. Maar vind je dat ook nog nadat je onderstaande tekst hebt doorgelezen?

"A student at Eagle Rock Junior High won the first prize at the Greater Idaho Falls Science Fair, April 26, 1997. He was attempting to show how conditioned we have become to alarmists practicing junk science and spreading fear of everything in our environment. In his project he urged people to sign a petition demanding strict control or total elimination of the chemical "dihydrogen monoxide."

And for plenty of good reasons, since:

- it can cause excessive sweating and vomiting
- it is a major component in acid rain
- it can cause severe burns in its gaseous state
- inhalation can kill you
- it contributes to erosion
- decreases effectiveness of automobile brakes
- it has been found in tumors of terminal cancer patients

He asked 50 people if they supported a ban of the chemical. Forty-three (43) said yes, six (6) were undecided, and only one (1) knew that the chemical was water.

The title of his prize winning project was, "How Gullible Are We?"

He feels the conclusion is obvious".

Mooi voorbeeld van framing.

Het leert mij dat je - om tot een weloverwogen oordeel te komen - naar meerdere kanten van een "probleem" moet (durven) kijken. Postief, negatief, in je voordeel, in je nadeel, enzovoort.

Wat te denken van:

Without H2O life is not possible

Lijkt me toch ook een relevante overweging :-)

In dit geval is er opzettelijk een negatief frame om water heen gezet om te kijken wat dat voor effect heeft op de oordeelsvorming bij mensen. Daarnaast heeft ieder van ons zijn eigen onbewuste frames. In Gym voor je geest (fijn boek!) noemt Edward de Bono dat onze 'logische zeepbel'.

Zullen we wat zeepbellen door gaan prikken? Jij de mijne, ik de jouwe? Plezier gegarandeerd!

M.

Zeepbel via

Tuesday, June 12, 2007

Informatievaardigheden? Nee. Luisteren naar kinderen? Ja.


Margreet blogde er al over: Het proefschrift van Els Kuiper met de titel "Teaching Web Literacy in Primary Education" (bovenbouw basisonderwijs). Sinds vorige week vrijdag ben ik de trotse bezitter van een gedrukt exemplaar dat mij is toegestuurd door de vriendelijke voorlichters van de VU. De samenvatting staat inmiddels op internet.

En ik kan je vertellen: het proefschrift leest als een spannend boek! Wat een cadeautje om al het (literatuur)onderzoek dat Kuiper deed zo op een presenteerblaadje aangereikt te krijgen.

Het wordt me al snel duidelijk dat het best logisch is dat kinderen zich niet bekommeren om de betrouwbaarheid van sites die ze op internet vinden. Ik noem drie redenen:

  1. Kuiper heeft het over de beschikbaarheidsparadox van het internet. De omvang en actualiteit nodigt leerlingen uit te denken dat elk antwoord met weinig moeite kant-en-klaar te vinden is. "The hypertext structure gives users the impression that they can do anything", schrijft Kuiper

  2. Maar het is niet alleen de continue beschikbaarheid en schijnbare oneindigheid van internet die maakt dat kinderen denken dat ze het antwoord wel zullen vinden. In het onderwijs krijgen ze met de paplepel ingegoten dat er (vaak) maar één goed antwoord is. En géén antwoord bestaat niet. Laat dit nou juist een belemmering zijn voor een kritisch gebruik van internet.
    (Nadenkertje: Leerlingen die via internet géén antwoord op de vraag vinden, blijken gewoon de vraag aan te passen ...... )

  3. En dan is er nog de kloof tussen school en thuis. Kinderen uit groep 7 beschouwen zichzelf als ervaren internetgebruikers. Maar als ze dan op school in aanraking komen met internet moeten ze ineens eerst nadenken over wat ze willen weten en tijdens het zoeken voortdurend reflecteren op het eigen zoekproces. Dat maakt het een stuk minder aantrekkelijk. Leerkrachten hebben vervolgens moeite met de oppervlakkige, passieve en gemakzuchtige houding van leerlingen
Hoe kun je deze cirkel doorbreken?

Volgens Kuiper doen docenten er beter aan om de vaardigheden van leerlingen serieus te nemen en aan te sluiten bij hoe zij met internet omgaan. Dat vraagt natuurlijk wel wat van die docenten.

Al lezende krijg ik een toekomstvisioen. Het is 2020.

Het vak 'informatievaardigheden' is overbodig geworden. Leren omgaan met internet is in alle vakken op (de lagere) school geïntegreerd. Dat gaat eigenlijk vanzelf, want kinderen hebben geleerd kritisch na te denken. Of beter gezegd: het is kinderen niet afgeleerd om voor zichzelf te denken door ouders en leerkrachten die verkondigen dat er maar één waarheid bestaat. We leren luisteren naar kinderen, filosoferen met hen, zien hen als gesprekspartner en zij zien ons als gesprekspartner. En zo zorgen wij voor een stevige basis voor hun reflectieve vaardigheden.

Als persoonlijke noot kan ik je vertellen dat ik enorm veel leer van het luisteren naar mijn kinderen.

Ik heb een setje filosofische kaarten - billetjes bloot spel - gekocht en mijn zoons vreten ze op. Op elk kaartje staat een tekst en daar gaan we dan met elkaar over praten. Mijn zoon Pim trok laatst het kaartje met de tekst:

"een zwart jongetje wordt geplaagd door een wit jongetje enkel en alleen omdat hij zwart is. Wat doe je?"

Pim antwoordt: "Ik zou naar het zwarte jongetje toegaan en tegen hem zeggen dat hij: "Hou op, Stop" moet zeggen tegen het witte jongetje". Waar ik geneigd zou zijn op het witte jongetje af te stappen, wil mijn zoon dáár ingrijpen waar het effect heeft. Niet door het witte jongetje te straffen, maar door het zwarte jongetje kracht te geven.

Het is niet de eerste eye-opener die mijn zoons me geven ..


Volwassenen neigen ernaar de wereld (en ook internet) te filteren voor hun kroost. Maar bescherming kent zijn keerzijden:

"How can students learn to make good choices, social and intellectual, if choices are made for them by filtering out things they can and cannot see?"

Don't fence me in!

M.

Illustratie via

Friday, June 8, 2007

Plaatjes zoeken, Plaatjes vinden?


Ik krijg veel bezoekers op mijn weblog via Google Images. Dat komt - wat mij betreft - omdat plaatjes zoeken via Google's image search engine zo slecht gaat!

Bezoekers die via Google Images een cartoon over leerprocessen zoeken, komen op mijn weblog terecht. Gewoon omdat ik er een paar cartoons op heb staan én omdat er leerprocessen in de URL van mijn blog staat.

Nog een voorbeeld:
Zoek je op "Marina Noordegraaf" in Google Images, dan krijg je alle foto's die ik ooit op dit weblog heb gezet.
Voeg je achter de URL &imgtype=face toe, dan krijg je weliswaar allemaal gezichten maar niet die van mij.

Hoe dat komt?

  • Omdat er ergens op de pagina Marina Noordegraaf staat en ergens een gezicht. Niet echt wat je noemt exact zoeken. Je zoekt dus niet (alleen) in de omschrijving van het plaatje maar (ook) in de tekst
  • Omdat er niet zoveel foto's van mij op het open WWW rondzwerven
Toch leidt zoeken via Google Images vaak tot succes. Waarom? Omdat je vist in een vijver met erg veel vissen! Zoek je naar foto's of plaatjes waar er veel van zijn, dan lukt het best met Google Images. Want zeg nou zelf: hoeveel citroenen heb je nodig? Er zit er altijd wel ééntje bij de eerste twintig.

Maar bij sommige onderwerpen slaan de plaatjes die je vindt nergens op (of in ieder geval niet op het onderwerp). Dan doe je er goed aan van zoekstrategie te veranderen.

Hier een aantal mogelijkheden:
  • Picsearch
  • Flickr
    • Zoek je kale mannen (niet dat die nou persé zo zeldzaam zijn) dan vind je via Flickr (mits je gebruikt maakt van de tags en clusters) vele specifiekere hits dan via Google Images
  • Zuula
    • Met een klik op de knop wisselen tussen Picsearch, Flickr, Google Images, Yahoo Images en MSN Images. Nadeel: Als je het op deze manier doet, kun je geen gebruik maken van de specifieke zoekmogelijkheden van elk zoekinstrument
  • Gebruik Ask 3D
    • Plaatjes, video's en websites over Osama Bin Laden naast elkaar. Vind je geen relevante plaatjes, dan bieden de websites wellicht aanknopingspunten
  • Denk aan een relevant zoekinstrument bij de afbeelding die je zoekt
  • Denk aan een relevante organisatie bij de afbeelding die je zoekt
  • Andere goede tips welkom!
Wat mij betreft is het hoe dan ook zaak om je niet te laten frustreren door resultaten die je niet wenste. Jij kunt ten alle tijde van zoekstrategie veranderen.


You áre in control!

Rest mij het woord te richten aan bezoekers van mijn weblog die hier NIET het plaatje vinden dat ze zoeken:

Ik hoop dat er genoeg andere leuke dingen te vinden zijn. Zo niet, volg dan bovenstaande tips!

Trouwens, het feit dat zoekmachines niet zo goed zijn in het identificeren van de inhoud van een plaatje is een punt van aandacht. Met spelletjes zoals ESP Game wordt daar ook aan gewerkt. De &imgtype=face is een begin. Hoewel de ene foto díe ik van Reni de Boer vond, verdwijnt als ik deze syntax toevoeg :-(

Maar ja, morgen is alles anders :-)

M.

Thursday, April 19, 2007

Informatievaardige sluipwespen


Wageningse onderzoekers vergeleken de leerprestaties van snel lerende sluipwespen met die van een langzaam lerende soort.

"Bij zowel mens als dier is het nodig om iets een aantal keren te leren voordat het in het langetermijngeheugen opgeslagen wordt. In onze maatschappij wordt het als ’slim’ aangemerkt als iemand snel leert, maar geldt dat ook voor dieren?"

Sluipwesp Cotesia glomerata legt haar eitjes in de rupsen van het Groot Koolwitje. Deze vlinder legt veel eieren bij elkaar op groepen planten van dezelfde soort. De sluipwesp heeft de geur van de plant al binnen vier uur in haar lange-termijn geheugen opgeslagen. Opdat ze de plant een volgende keer meteen kan vinden (één bron is wel een bron ...)

Sluipwesp Cotesiao rubecula legt haar eitjes in de rupsen van he Klein Koolwitje. Deze vlinder legt maar één eitje per plant en verdeelt haar eitjes over een groot gebied. Voor de sluipwesp geeft het vinden van een rups van het Klein Koolwitje dan ook veel minder betrouwbare informatie. En ze leert de plantengeur pas onthouden als ze een paar keer een rups op dezelfde plantensoort vindt (één bron is geen bron ...)

Snel leren is dus alleen slim als de informatie heel betrouwbaar is, zeggen de auteurs in hun artikel.

We hebben nog wat te leren van die informatievaardige wespen ...

M.

Plaatje
via

Wednesday, April 18, 2007

Eén bron is geen bron?


Een docent Duits is teleurgesteld over Al@din.

Als antwoord op de vraag: "Wie was de eerste burger van de ddr die werd doodgeschoten?" komt Al@din met een profielwerkstuk als enige bron. De docent vindt dat niet kunnen en schrijft: "geen verwijzing naar Wikipedia (al kun je over de kwaliteit daarvan discussiëren), geen verwijzing naar chronik-der-mauer.de"

Is de teleurstelling terecht of niet, vraag ik mijn cursisten digitaal inlichtingenwerk. En zo ja, wat had er dan moeten gebeuren om dit te voorkomen?

"Bij Al@din moet je toch volgens het procotol minimaal twee bronnen geven?", luidt de mogelijke oplossing van het probleem. Maar had het dan geholpen als Al@din twee profielwerkstukken had doorgegeven, speel ik de advocaat van de duivel. Is het dan altijd nodig om twee bronnen te geven? Nee.

Een paar voorbeeldjes waar één bron volstaat:

  • .. als de klant vraagt naar het aantal sterfgevallen in 2006 en je hebt daar een mooie tabel over gevonden bij een betrouwbare organisatie zoals het CBS
  • als de klant de volledige tekst van de Kinderbijslagwet wil inzien (d'r is er echt maar één van)
  • als de klant vraagt naar het boek "knielen op een bed violen" ..

Protocollen lijken soms de functie te hebben om mensen het "zelf denken" te ontnemen. Maar protocollen horen de mens te dienen en als dat niet (meer) zo is, dan passen we het protocol aan (of we schaffen het zelfs af!). Don't think for me, I can think for myself.

(Ondertiteling: Instemmend geknik van de cursisten)

Dus nee, met het protocol alleen zijn we er nog niet. Er is iets anders aan de hand. En dat zit hem juist in het zelf - en kritisch - blijven nadenken.

Wat mij opvalt in de reactie van de docent, is het feit dat een profielwerkstuk van mindere kwaliteit wordt geacht dan een artikel in Wikipedia. Terwijl de student (delen van) zijn profielwerkstuk gewoon op Wikipedia had kunnen zetten. Een profielwerkstuk - met goede bronvermeldingen - is dus niet persé minder en óók niet meer waard dan een gelijksoortig artikel op Wikipedia (ligt aan het aantal edits).

En in die bronvermeldingen zit volgens mij de clou.

Als je je antwoord altijd zo dicht mogelijk bij de bron(vermelding) zoekt, dan loop je de minste kans op een misser. Als je dit besef bij kunt brengen aan studenten én docenten dan is er een wereld aan kwaliteitsantwoorden te winnen.

Wil ik afsluiten met een stelling afkomstig van één van de cursisten:

"Docenten mogen niet zeuren over leerlingen die hun bronnen scouten via Google (of Al@din?) als ze aan hun kant verzuimen om informatievaardigheden (o.a. het bevorderen van kritisch nadenken) in het curriculum te verweven".

Wat vind jij?

M.

Cartoon via

Friday, April 13, 2007

Dé Wikipedia bestaat niet


Wikipedia weet de tongen altijd meer dan los te krijgen. Zo verbieden steeds meer universiteiten het citeren uit deze "online collaborative" encyclopedie. Dat ik meer geloof in het aanwakkeren van het zelfdenkend vermogen van studenten, is geen geheim.

Ik vind het dan ook prachtig als er iemand wetenschappelijk onderzoek doet naar Wikipedia. Want daar kunnen universiteiten niet omheen, toch? Welnu: In een artikel in Firstmonday valt te lezen dat:

  1. een klein aantal artikelen - diegene die belangrijk worden gevonden of op dit moment in de belangstelling staan - een verhoudingsgewijs groot aantal edits krijgt.
  2. dat de kwaliteit van een artikel in Wikipedia groter wordt, naarmate er meer edits gedaan zijn.
De onderzoekers concluderen:

"Wikipedia article quality continues to increase, on average, as the number of collaborators and the number of edits increases. Thus, topics of high interest or relevance are naturally brought to the forefront of visibility and quality".

Wat dit betekent?

Dat er niet zoiets bestaat als Dé Wikipedia. En dat je dus ook niet over Dé Betrouwbaarheid van Wikipedia kunt praten. De kwaliteit verschilt per artikel.

Dat universiteiten die verbieden uit Wikipedia te citeren een heel slecht voorbeeld geven bij het opvoeden van studenten tot kritische - informatievaardige - informatieconsumenten die zelf kunnen beslissen wanneer ze wél en wanneer ze geen gebruik maken van een informatiebron.

Frank Boeien verwoordt mijn "punt" misschien nog wel het beste:

Denk niet wit
Denk niet zwart
Denk niet zwart-wit
Maar in de kleur van je hart

M.

Plaatje via

Tuesday, March 13, 2007

Framing: het is maar hoe je het bekijkt


Ik ben heel blij met het boek "de (on)betrouwbaarheid van informatie" van Jan G.M. Bakker (getipt door Edwin).

Het boek heeft me duidelijk gemaakt dat "feiten" geen bestaansrecht hebben zonder context. Toch wordt die context vaak verhuld, verbloemd, verdraaid of verfraaid.

De manier waarop feiten omlijst worden, bepaalt hoe we tegen dit "feit" aankijken. Veranderen we de context, dan heeft dat invloed op ons oordeel. In de VS hebben ze hier een mooi woord voor: framing (een woord dat is bedacht door Tversky & Kahnemann).

Kijk en oordeel:

  1. 30% van de cursisten gaf aan dat ze ná afloop nog steeds niet wisten hoe ze de betrouwbaarheid van informatie in konden schatten
  2. 70% van de cursisten gaf aan dat ze ná afloop de betrouwbaarheid van informatie veel beter in konden schatten
Zou je je inschrijven voor cursus 1? En voor cursus 2?

De mens blijkt risicomijdend als het gaat om mogelijk verlies en risicozoekend als het gaat om mogelijke winst. Ging dat ook voor jou op?

Met framing belichten we de werkelijkheid van één kant: de kant die boodschapper óf ontvanger - al dan niet bewust - het beste uit komt. Foto's zijn bij uitstek geschikt voor dit soort manipulatie. Op de originele foto-, ansicht- en posterblog van Lidia staat een mooi - onschuldig - voorbeeld. En zeg nou zelf, we hebben geen van allen graag een ingelijst huilend kind of nors kijkende geliefde op de schoorsteenmantel staan. Want wat zegt dat dan over ons?

Vangen in cijfers wat niet te vangen valt is nog een voorbeeld van framing. En de blogposts in de categorie cijfers/statistieken zijn me daar populair! Waarom willen we onze wereld zo graag ordenen in top-50 lijstjes die altijd te kort doen aan de werkelijkheid? Waar komt onze voorliefde voor cijfertjes toch vandaan? We hebben er blijkbaar belang bij, maar waarom?

Kies een frame naar keuze (of maak er zelf één bij):
  • Het is een hulpmiddel voor efficiënte informatieverwerking
    • Faced with an extraordinary amount of issues to track on a daily basis, it is actually quite reasonable for citizens to rely heavily on short cuts such as values and media frames to reach a decision", schrijft Matthew Nisbet - auteur van de weblog Framing Science - in zijn post van 10 maart.
  • Iets specifieker: Het is een hulpmiddel om keuzes te maken
    • Als Mr. X - waar ik tegen op kijk - boek Y in zijn boeken top 10 heeft staan, dan wil ik dat boek ook wel lezen.
  • Het is een hulpmiddel om onze positie te bepalen
    • "Wat we lezen en geloven, zegt in de eerste plaats iets over ons zelf".
      • Vind je het belangrijk om te zien wie er veel invloed heeft? Wil je dan soms zelf invloed hebben?
      • 70% van de mensen weet niet wat RSS is. Ik wel. Dan doe ik het best goed.
      • Als ik weet welke trefwoorden het meest worden ingevoerd in Google dan kan ik mijn zoekgedrag afzetten tegen dat van "de gemiddelde gebruiker"
    • "De doorsnee mens begint iets te geloven, en zoekt dan naar bewijzen om zijn mening te ondersteunen", valt te lezen in het boek van Bakker. Het kost namelijk tamelijk veel energie als je je wereldbeeld steeds maar weer moet heroverwegen. Lijstjes ontslaan ons van onze verantwoordelijkheid zelf kritisch na te denken
  • Het is een hulpmiddel om (onszelf, een dienst of een product) te verkopen
    • Lijstjes laten zien waar onze potentiële afzetmarkt te verwachten valt
    • Je maakt gebruik van de populariteit van lijstjes, reproduceert ze en vangt zelf een deel van de fame! (Lees de discussie: zijn bloggers parasieten of niet?)
Welke frame je ook kiest ze hebben allemaal één ding gemeen. Lijstjes helpen ons een beeld te kneden van de complexe werkelijkheid.

Het is trouwens niet alleen de zender die inlijst, ook de ontvanger is niet vrij van frames (vooroordelen, stereotypen)

Kijk maar eens naar de volgende omschrijving:
  • Suzanne is 35 jaar, alternatief gekleed en ze heeft een bril
  • Suzanne is 35 jaar, heeft lange donkere haren en een slank postuur
Welke van de twee Suzannes is knapper? (Eerlijk zeggen)

Niets menselijks is ons vreemd. Juist daarom vind ik het zo leuk als d'r af en toe eens iemand opstaat die om zijn of haar frame heenkijkt en de cijfertjes niet zomaar klakkeloos overneemt. Zo pakte Marco Derksen het bericht "70% van de Nederlanders weet niet wat RSS is" geweldig op. 30% weet het dus wel. Maar dát is goed nieuws! Het is maar waar je vandaan komt. Informatie = feiten in context.

"If fifty million people say a foolish thing, it is still a foolish thing".

M.

Plaatje via

Sunday, March 11, 2007

De vruchten plukken van Wikipedia


Nicola - vrouw naar mijn hart - Pratt vindt dat Wikipedia gewoon gebruikt moeten kunnen worden bij universitair onderzoek.

Some students cite it in their bibliographies at the end of their essays, some of them don’t, but that doesn’t mean they haven’t used it", aldus de realistische docente "Issues in the Contemporary Politics of the Middle East" aan de University of East Anglia te Engeland.

Pratt denkt dat Wikipedia juist een effectief leermiddel is om studenten aan te moedigen kritisch te denken, goed te leren schrijven en - last but not least - samen te werken. Daarnaast denkt ze dat het motiverend is voor cursisten om iets te schrijven waarvan ze weten dat het niet alleen door je docent gelezen zal worden.

Om haar hypothese te testen moeten Pratt's studenten elke week een wijziging doorvoeren in een relevant Wikipedia artikel en aan het einde van de zes maanden die haar experiment duurt, moeten ze zelf een artikel schrijven en plaatsen in Wikipedia. In juni van dit jaar zal Pratt het project evalueren.

Haar cursisten zijn nu al enthousiast: "You can follow the progress of your input as changes and additions are often subject to critical review by other ´Wikipedians´"

De negatieve reacties van andere docenten blijven niet uit.
Ik snap daar helemaal niks van. Sorry jongens, maar verboden vruchten werken niet. Je kunt studenten beter zélf leren denken opdat ze weten wanneer de vruchten rijp zijn en wanneer rot.

"I think Wikipedia itself is a good reference point for further research. I don't believe I would cite it in my work but would rather use it to access the original source", aldus één van Pratt´s pupillen.

Pratt bereikt nu al wat docenten die Wikipedia in de ban doen nooit zullen bereiken.

M.

Via de inspirerende post van Wiki evangelist Stewart Mader

Plaatje
via

Friday, March 2, 2007

Live discussions on Jyve

Tara Calishain blogt over een nieuwe telg aan de live-tak van de ask-an-expert diensten: Jyve. Je wordt live verbonden met de expert die past bij je vraag.


Net even uitgeprobeerd en gevraagd of het waar is dat Aaron Stanton in het Googleplex is geweest. Kreeg van "techiegeek" meteen de URL van Aaron's blog en op mijn insinuatie of ie misschien was ingehuurd door Google, kreeg ik de suggestie met Aaron zelf contact op te nemen.

Ik ben onder de indruk.

"Techiegeek" verwoordt hier een boodschap waar iedere antwoordzoeker zich aan zou moeten houden:

Zoek je antwoord altijd zo dicht mogelijk bij de bron!

(En ga niet in op insinuaties ;-) )

M.

Tuesday, February 27, 2007

Nee, ik wil op Googele


De startpagina van het account van mijn zoon Pim (7) staat op www.spelletjes.nl. Maar vandaag wil hij wat anders: "Ik wil op Googele want ik wil een bootspelletje spelen". "Prima, ga je gang", zeg ik terwijl ik me terugspoed naar de overborrelende pasta.

Even later zie ik hem toch weer op www.spelletjes.nl. Hij is druk doende met een bootrace. Ik vraag hem hoe hij bij dit spelletje gekomen is: "Gewoon", antwoordt hij "ik heb in Googele 'boot spelletje' ingetoetst en toen vond ik deze".

Ik stond even perplex.

Hij heeft bínnen een site gezocht, dacht ik. Gelijk heeft hij, dacht ik ook nog.

Dat klikken en klikken tot je éindelijk een spelletje hebt dat je bevalt. Dan beter even met Google dat spelletje gevonden. Heb ik hem gelijk maar het commando site: uitgelegd. Fijn alle bootspelletjes van spelletjes.nl op een rij...

Nu de euforie van "kijk mijn zoon eens" een beetje is weggezakt, denk ik dat hij het waarschijnlijk niet zo belangrijk vindt of de bootspelletjes op spelletjes.nl staan. Als het maar léuke bootspelletjes zijn ...

En - wederom - heeft hij gelijk.

"We shouldn't teach the kids Google hacks", stelt Jakob Nielsen in zijn column Life-Long Computer Skills. Het komt allemaal aan op "Strategies for how to formulate good queries".

Laat mijn - informatievaardige - zoon dat nou al kunnen! Dáár heeft hij zijn moeder niet voor nodig..

M.

Tuesday, January 30, 2007

Leermomenten

- Hameren op een zoekplan.
- Zeggen dat je altijd twee zoekmachines moet gebruiken (en je hebt bewijs!)
- Uiteenzetten dat je de betrouwbaarheid van websites moet toetsen aan objectieve criteria.

Wat kan een cursist dan anders doen dan "Ja en Amen" zeggen en als hij bevrijd is van de cursus het gewoon weer op zijn manier doen?

Gedragsverandering is complex. Je kunt als trainer "gelijk hebben" dat de cursist een zoekplan moet maken, maar met gelijk hebben ben je nog maar halverwege (als je geluk hebt). De utopie die je schetst kan zó demotiverend ver weg liggen en zo weinig beloning in het vooruitzicht stellen dat dat alleen maar remt.

"Gedrag is alleen effectief als je zeker weet dat het bijdraagt aan het doel dat je nastreeft", schrijft Ben Tiggelaar in zijn boek "Dromen, durven, doen".
Als het je doel is sneller informatie te vinden, dan kan een zoekplan een aardige sta in de weg lijken...

"Gedrag wordt haalbaarder als je weet dat je er zelf goed in bent en wanneer je er ook waardering van andere mensen voor zult krijgen", aldus Tiggelaar. En laten we wel wezen; waardering krijg je niet met een mooi zoekplan. Wel met het resultaat....

Het zal dus moeten doordringen dat een mooi zoekplan kán leiden tot een béter resultaat met (nog) méér waardering! De cursist zal moeten ervaren dát het kan werken (en óók wanneer dat niet zo is).

Hoe geven jullie deze ervaringen vorm?

M.

Plaatje via

Friday, January 19, 2007

Dé informatiespecialist is zóoo 20e eeuw


Ik ben informatiespecialist. En erger me al geruime tijd aan die naam.

Een specialisme staat voor mij synoniem met een bepaald kennisniveau. Volgens van Dale is een specialist "iemand die zich op een bepaald onderdeel van een gebied van kennis, bedrijf, techniek enz. heeft toegelegd". En kennis - weer volgens van Dale - "wat men geleerd heeft".

Kennis is in het informatietijdperk niet meer voldoende. Er is gewoon te veel te kennen. Het doet er helemaal niet toe óf je veel wéét, als je de informatie maar kunt vinden als de informatiebehoefte daar is. En dat noemen we dan - kort door de bocht - informatievaardigheden.

Ik pleit daarom voor een naamsverandering van onze professie:

van informatiespecialist naar informatiestrategist

Specialisme stelt de kennis centraal; strategie het proces.
Een strategie is "een plan volgens welk men te werk gaat". En dat plan heb je gewoon nodig om niet gedesillusioneerd af te haken omdat er zo veel informatie te koop is.

Zo heb ik ook iets tegen de term 'Krakercompetitie'. Op de NOT zal maandag a.s. een tweetal docententeams een mini-krakercompetitie spelen. Dit luidt dan de start in van de Jeugdkrakercompetitie 2007. Die "moet resulteren in een betere ondersteuning van scholieren die informatie voor hun schoolwerk zoeken op het internet". De term krakercompetitie helpt daar alvast níet bij.

Een kraker is antwoordgericht. Maar hóe heeft hij of zij dat antwoord gevonden? Was het een efficiënt informatiezoekproces? En is 'kraken' een voorbereiding op real-life informatievragen? Soms is er gewoonweg geen - of geen bevredigend - antwoord op een vraag. En dat is dan ook een antwoord. Als je opgevoed wordt tot kraker, is dat eigenlijk geen optie. Misschien kunnen we de Krakercompetitie voortaan: "De Strijd der Strategen" noemen?

Een informatiestrategist heeft overzicht. Hij of zij coacht anderen bij het zoeken naar informatie. Opdat die ander het de volgende keer ook zelf kan. Mooi toch?

Dus informatiespecialisten: Stap uit uw ivoren toren. Doe afstand van uw expertmacht*... Het is misschien een harde noot om te kraken maar daarna hebben we ook wat:

Driewerf hoera voor de informatiestrategist!

M.

* Een prachtig boek over 'de logica van de macht' is dat van Mauk Mulder.

Wednesday, December 20, 2006

Digitale Evolutie



There are no secrets,
only information you don’t yet have
Adam Curry

Drie posts vallen mij deze week op door hun samenhang:
In het rapport "de opkomende digitale cultuur" valt te lezen:

De afgelopen jaren heeft de informatisering van de samenleving zich doorgezet. De
macht ligt in toenemende mate bij de persoon die toegang heeft tot de meeste informatie. Beter gesteld, bij de persoon die het best kan omgaan met de beschikbare informatie.

We kunnen veel leren van de digitale evolutie van "de jongere" onder ons. Het is zaak je daarbij niet te laten afschrikken door hun ICT-vaardigheden, maar vooral een voorbeeld te nemen aan de houding die "de jongere" aanneemt ten aanzien van nieuwe informatie. De houding van een "OEN": Open, Eerlijk en Nieuwsgierig. Dé houding om te kunnen leren.

Luister naar het kind (in uzelf) en u heeft de eerste stap op de digitale evolutieladder genomen. Simple as that (?)

M.

Bron van het plaatje.

www.flickr.com